Waar iedere bocht een verrassing was
Er zijn toerritten herinner je je vanwege een beroemde bergpas of een adembenemend uitzicht. Andere blijven je bij door de sfeer. Deze nachtrit eind oktober 2008 door de Ardennen was zo'n rit. Geen honderden deelnemers, geen lange colonne auto's, maar een kleine groep liefhebbers die op een heldere zaterdagavond rond zes uur vanuit Slenaken vertrok voor een avontuur dat pas diep in de nacht zou eindigen.
Onze klassieker voor deze rit was een oude Triumph TR3. Een auto die je niet alleen bestuurt, maar waarmee je samenwerkt. De lage zit, de eenvoudige techniek en het karakteristieke geluid van de motor maakten iedere kilometer bijzonder. Moderne navigatie bestond nog niet. Smartphones evenmin. Alleen een routeboek, een kaart, een goede navigator en een zaklamp om onderweg de volgende aanwijzingen te kunnen lezen.
Via De Plank reden we België binnen. Het laatste daglicht verdween langzaam achter de heuvels terwijl de eerste bochtige wegen zich aandienden. De Ardennen lieten zich direct van hun mooiste kant zien. Smalle wegen slingerden door donkere bossen en over glooiende heuvels. Het verkeer werd steeds schaarser, waardoor we volledig opgingen in het ritme van de weg. De Triumph voelde zich hier helemaal thuis.
Een van de eerste hoogtepunten was de lange afdaling naar Aubel. Terwijl de schemering plaatsmaakte voor de nacht, volgden de bochten elkaar in een rustig tempo op. In de verte verschenen de eerste lichtjes van het dorp. Even later reden we alweer verder, steeds dieper de Ardennen in, richting Spa en Theux
Het was een heldere nacht, maar in de lagere dalen hing hier en daar een dunne laag mist. Soms reden we een mistflard binnen en enkele seconden later weer naar buiten, alsof iemand een gordijn even had dichtgetrokken. De koplampen van de Triumph sneden door de nevel en gaven de rit een bijna mysterieuze sfeer.
Navigeren was in die tijd nog een vak apart. Regelmatig kwamen we in typisch Belgische dorpjes waar een kruispunt uit vijf of soms zelfs zes wegen bestond. Het verkeersbord stond ergens in het midden, maar wees het nu naar de straat links, schuin links of toch rechtdoor? We stopten meer dan eens heel even om samen het routeboek nog eens goed te bekijken. Juist dat hoorde erbij. Niemand keek op een scherm; we vertrouwden volledig op papier, gezond verstand en teamwork.
Halverwege de avond bereikten we het Italiaanse restaurant aan de Rue de Warnant in Onhaye. Na uren sturen door de donkere Ardennen voelde het warme restaurant als een welkom rustpunt. Als vanouds was de spaghetti weer in de aanbieding. Vanaf de tussenstop werd de route misschien nog mooier. De slingerende wegen rond Anhée en Dinant voerden ons meerdere keren onder de spoorlijn door via karakteristieke boogtunneltjes. De weg kronkelde voortdurend langs rotswanden en door donkere bossen. Iedere tunnel voelde als een korte onderbreking voordat de volgende serie bochten zich weer aandiende.
In Dinant maakten we vanzelf even vaart minder. De indrukwekkende rotsformatie boven de stad was prachtig verlicht en stak scherp af tegen de heldere nachthemel. Het was een beeld dat je overdag al niet snel vergeet, maar 's nachts kreeg het iets bijzonders. Even reden we zwijgend verder, allebei genietend van het decor.
Onderweg wachtte nog een klein avontuur dat inmiddels bijna onvoorstelbaar klinkt. Bij een verlaten tankstation moesten we brandstof tanken. De betaalautomaat accepteerde uitsluitend contant geld. Geen pinpas, geen contactloos betalen, laat staan een telefoon. Met een paar bankbiljetten kregen we de pomp aan de praat. Het voelde heel normaal toen, maar juist zulke herinneringen laten zien hoe anders autorijden destijds was.
Langzaam werd het stiller op de weg. De bossen lagen donker om ons heen en af en toe zagen we in de verte de koplampen van een andere deelnemer. Verder was er alleen het geluid van de Triumph, het zachte meelezen van de route en het plezier van samen onderweg zijn.
Rond één uur 's nachts draaiden we het terrein van het Best Western in Slenaken weer op. Vermoeid stapten we uit, maar vooral met een brede glimlach. Het was geen rit van spectaculaire Alpenpassen of hoge bergtoppen geweest. Toch had deze nachtrit alles wat een mooie toertocht bijzonder maakt: uitdagende wegen, een prachtige omgeving, een klassieke sportwagen, goede samenwerking en het gevoel dat het avontuur soms juist begint wanneer de zon ondergaat.
Jaren later denken we nog regelmatig terug aan die avond. Niet omdat we de snelste waren of omdat alles vlekkeloos verliep, maar omdat we samen, gewapend met niets meer dan een routeboek en een oude Triumph TR3, de Ardennen in het donker ontdekten. En misschien maakte juist dát deze korte toerrally zo onvergetelijk.